“Ik ben er”, zucht ze. De vrouw gaat op de bank zitten in mijn praktijk. De eerste stap is gezet, de eerste angst overwonnen. Jarenlang was de drempel te hoog. De schaamte te groot.

“Welkom. Ga lekker zitten. Heb je zin in koffie of thee?” vraag ik. We hebben een gesprekje over haar leven, haar kinderen en dan vertelt ze dat er een kleinkind op komst is. Grote levensgebeurtenissen brengen vaak een kantelpunt. Een innerlijk besluit: ‘nú ga ik er iets aan doen’.

Dan komt het hoge woord eruit. Ze is bang voor knopen. Niet gewoon bang maar doodsbang. Erover praten roept al paniek op. Ik zie haar onrustig worden. Ze vertelt dat ze als jong meisje van een jaar of vier, de bovenste knoop van haar jasje niet los kon krijgen. Het gevoel dat toen volgde? Een verstikkend gevoel, paniek, schaamte. Wat wij rationeel allemaal weten (zij ook): ze had gewoon hulp kunnen vragen en dan was ‘het probleem’ zo opgelost, maar zo werkt het brein niet altijd. Haar onderbewuste deed iets anders. Dat gaf signalen dat het einde nabij was. Doodsangst!

Sinds dat moment is de angst in haar leven. Eerst alleen voor wat grotere knopen, later ook de kleine. Zelfs drukknopen maken haar onrustig. Nu er een kleinkind op komst is, wil ze er echt van af.

Zij heeft haar leven om de knopen heen gebouwd. Geen blouses. Geen knoopjes dichtmaken bij haar kinderen. Ze wil niet dat haar kleinkind last krijgt van beppe’s angst. Omdat ze er al haar hele leven mee leeft, is het bijna een  identiteit geworden. Het bepaalt een groot deel van de manier waarop ze haar leven leidt. EMDR kan helpen de paniek te ontladen.

Maar wanneer angst een jarenlang onderdeel geweest is van iemands identiteit, is er meer nodig dan symptoombestrijding. Wie is ze zonder deze angst? Wat is er wél als er geen angst meer is? Belangrijke vragen die de komende tijd beantwoord mogen worden tijdens de coachgesprekken. We nemen de tijd, het proces van herstel is vandaag begonnen. Soms zit de knoop niet alleen op een jas, maar ook in het onderbewuste.