Iedereen die zich met persoonlijke ontwikkeling bezighoudt weet het: loslaten is het toverwoord voor vooruitgang. Als je loslaat ben je vrij om verder te gaan, er ontstaat ruimte en meer lucht.
Maar loslaten, hoe doe je dat eigenlijk? Het voelt toch een beetje als afscheid nemen van iets dat in jouw leven zo vanzelfsprekend is geworden. Verdriet, boosheid en zelfs verwachtingen loslaten kan zorgen voor een leegte of de angst daarvoor.
En als het gaat over persoonlijke ontwikkeling: wát laat je dan precies los als je het niet fysiek in je handen vasthoudt? De angst voor het onbekende komt om de hoek kijken. Als grote dingen, zoals een traumatisch verleden, moeten worden losgelaten, wat blijft er dan over van je identiteit? Jij bent toch de getraumatiseerde? Het kind dat is mishandeld of emotioneel is verwaarloosd? Wie ben je dan als je het loslaat?
Daarom is het loslaten meer dan het van je af gooien in overdrachtelijke zin.
Want hetgeen je vasthoudt brengt je iets. Een opmerking die menig cliënt de wenkbrauwen doet fronsen: “ja, ellende, alleen maar ellende”. Nee, het brengt niet alleen maar ellende. Het brengt je iets in positieve zin. Echt waar.
Zoals mijn cliënte het verdriet van het overlijden van haar vader niet kon loslaten. Vader is in eenzaamheid gestorven. “Ik kan hem toch niet nog een keer in de steek laten?” Ze vindt onbewust dat ze moet lijden omdat ze te laat was voor zijn overlijden. Het verdriet brengt haar dat ze ‘goedmaakt’ wat niet goed ging.
Mijn cliënte heeft nog geen andere manier gevonden en loslaten is ‘dus’ geen optie. Rationeel zou ze het verdriet en schuldgevoel graag kwijt willen. Ik vraag haar hoe haar vader naar haar zou kijken als hij haar zo verdrietig zou zien. “Hij zou zeggen: de kop d’r voor hoor!” zegt mijn cliënte. Ze lacht. “Van wie heb je toestemming nodig?” vraag ik. “Van mijn vader” zegt ze “en het gekke is dat ik nu weet dat hij dat nu heeft gegeven”.
Pas als je weet waarom je het vasthoudt, kun je het loslaten.