Vandaag staat in mijn agenda dat morgen de deadline is voor het maken van deze column. Er zijn mensen die al weken voor de deadline hun zaakjes op orde hebben, maar ik hoor meer bij de “net-niet-te-laters”. Hoe hoger de druk, hoe beter het lukt om iets op papier te krijgen. Toch komt dan ook steevast de gedachte voorbij: “wat als ik niks op papier krijg?”

Wat als… Hoe vaak worden gedachten (en dromen) niet verstoord door die twee woorden? Bijvoorbeeld: Je bent blij met je nieuwe baan en dan begint het: wat als ik het werk toch niet leuk vind? Wat als ik geen leuke collega’s heb? Wat als ze mij niet aardig vinden? Of wat als ze mij veel slimmer achten dan ik werkelijk ben?
Negatieve “wat als” gedachten kunnen de voorpret flink bederven. Gedachten die vaak ook nog eens verre van realistisch zijn. Alle mogelijke scenario’s worden doorgenomen zodat we niet voor verrassingen komen te staan. Willen we op die manier misschien controle houden over wat komen gaat? Op zich niet veel mis mee, tenzij de mogelijke scenario’s buitenproportionele vormen aannemen en relativeren niet meer lukt.

Je laat je tegenhouden door je eigen gedachten en vermijdt wat spannend of onbekend is. Als je niet voluit durft te leven en je hart niet durft te volgen omdat je eigen gedachten daar een rem op zetten, dan spreken we over beperkende overtuigingen. Overtuigingen die je tegenhouden om een volgende stap te zetten en te doen wat je het liefste doet.
Stel je voor dat je faalt! Beperkende overtuigingen hebben een enorme invloed op hoe jij je leven leidt. Hoe zou het leven eruit zien zonder die gedachten? Een interessante vraag, al is het antwoord natuurlijk minstens zo interessant.